Gnosis is kennis, inzicht. Gnosis is het weten van binnen uit. Als we het dan ook over de traditie van de gnosis hebben moeten we daarbij de exoterische en de esoterische gnosis van elkaar scheiden. De exoterische gnosis is de kennis die doorgegeven is van inwijder op ingewijde. Op dat punt aangeland is de gnosis esoterisch geworden, omdat zij in verbinding gebracht is met het oude diepe weten dat aan de bron van de menselijke ontwikkeling staat. De wetenschap heeft zich tot nu toe voornamelijk bezig gehouden met de exoterische gnosis; de gnosis die op de een of andere vorm zichtbaar was en waarvan uiterlijke documenten bestaan.

Vooral na de ontdekking in 1945 bij Nag Hammadi is het wetenschappelijk gnosis-onderzoek geïntensiveerd. Doch kan zuiver wetenschappelijk onderzoek ons niet tot de kern van de zaak brengen. Want er zal altijd een kloof blijven bestaan tussen het uiterlijk weten en het innerlijk weten als het ene geen aansluiting krijgt met het andere.

We kunnen dat theologen en andere onderzoekers niet kwalijk nemen. We maken dankbaar gebruik van hun onderzoekingen en hun vertalingen van verloren gewaande geschriften. Het is echter slechts één kant van de zaak. Een ontwikkelingsgang van de gnosis door de eeuwen heen is niet te schetsen als we niet beseffen dat de gnosis een zaak van binnenuit is. Een zaak van binnenuit van ieder mens.
Ieder mens draagt de gnosis in zijn hart. Eenvoudigweg omdat de gnosis de kennis van het goddelijke is en ieder mens God in zich draagt. Daarom zeiden die oude gnostici ook: ‘Wie zichzelf kent, kent het al‘.
Wie in zichzelf gegraven heeft totdat hij aan de goddelijke kern is gekomen, die heeft ook gnosis verkregen. En het is deze gnosis die wezenlijk van belang is. Een mens kan alle teksten van Nag Hammadi of bijvoorbeeld de complete Geheime Leer van Helena Blavatsky uit zijn hoofd kennen en nog niet weten wat gnosis is.

De Nag Hammadi-geschriften zijn 52 vroege, gnostische teksten uit de 3e en 4e eeuw, in december 1945 ontdekt in Egypte. Ze werpen een radicaal ander, mystiek licht op het vroege christendom en Jezus, en staan los van de officiële Bijbelse canon.
Oorspronkelijk zijn dit Koptische vertalingen van Griekse originelen. Ze zijn verborgen in kruiken door vroege christenen, vermoedelijk om ze te beschermen tegen vernietiging tijdens de orthodoxe kerkreiniging.
De inhoud van deze teksten focussen op gnosis (geheime, mystieke kennis) om de menselijke, goddelijke kern te verlossen. Een van de mooiste teksten betreft het Evangelie van Thomas: een verzameling van uitspraken van Jezus die vaak sterk afwijken van de vier canonieke evangeliën.

Als deze uiterlijke kennis geen aansluiting vindt in de eigen ziel blijft het slechts uiterlijke kennis. Voor gnosis zullen we dus diep in ons zelf moeten gaan zoeken. Het is de enige weg om gnosis te verkrijgen. De gnostische leringen van Jezus, bijvoorbeeld, waren er op gericht om zijn leerlingen, maar als het ware over hun hoofden heen een groot deel van de mensheid, te leren weer contact te maken met de eigen goddelijke kern.

In wezen is dat de hele betekenis en de wortel van het Christendom. Helaas is er in twintig eeuwen niet veel van die zuivere kern overgebleven. Daarom is het vandaag de dag, en de tijd is er meer rijp voor, des te meer nodig de diepte in te gaan en niet te blijven steken in geleerde verhandelingen. De wijsheid, Sophia, dient te huwen met Christus, die liefde is.

Wijsheid is niets zonder liefde, zoals ook Paulus het al zo prachtig verwoordde in het ontroerende hooglied van de liefde in een van zijn brieven aan de Korintiërs (1 Kor 13).

Innerlijke kennis wil niet zeggen dat we de uiterlijke kennis nu maar overboord moeten gooien. Integendeel, uiterlijke kennis kan ons helpen dingen in ons zelf inzichtelijk te maken. Vandaar dat in de gnostiek, zowel in het westen als in het oosten, sprake is van boodschappers die zich tot taak stellen de mensheid dat inzicht te brengen. Er is een groot aantal geestelijke krachten aanwezig dat zich bezighoudt met de ontwikkeling van de wereld en de mensheid in het algemeen, alsmede met ook ieder mens persoonlijk.

Voor de meeste lezers van dit blad niets nieuws en zijn enigszins vertrouwd met begrippen als ‘meesters’ en ‘avatar’s’. Anderen geven deze krachten namen als engelen, geleide-engelen, tweelingzielen etcetera. Christus was een avatar die op dit deel van de aardbol direct inwerkte, en nog steeds inwerkt, op het bewustzijn van de mens.

Hun lijfelijke aanwezigheid was en is slechts een aspect van hun totale Zijn. We spreken dan over universele kosmische machten. Door alle tijden heen zijn er echter ook krachten geweest die zich bezighielden met een bepaalde ontwikkeling op de aarde. Bijvoorbeeld aan de meesters die in het laatste kwart van de vorige eeuw zich inzetten om de theosofische Inzichten te verbreiden. Het waren deze meesters die mevrouw Blavatsky inspireerden in haar onvergelijkelijk levenswerk.

Ook deze krachten kunnen zich manifesteren in een voor ons zichtbaar omhulsel, zoals uit de vele verslagen van theosofen moge blijken. Er zijn ook krachten die we wei kunnen voelen, als we fijn zijn afgestemd, maar niet kunnen waarnemen met onze uiterlijke zintuigen. Naarmate de mens zich geestelijk meer ontwikkelt zal hij deze krachten ook steeds duidelijker met zijn ziel waarnemen. Velen van u zullen deze ervaring zeker kunnen delen. Uiterlijke kennis, die getransformeerd wordt naar innerlijk weten, is kostbaar. Of deze kennis ons nu bereikt via een persoonlijke openbaring, via woord of geschrift is minder belangrijk. Uiterlijke kennis kan ons tot inzicht brengen. Ook daarin is sprake, zoals in alles, van een evolutie. De mens kan alleen dat oppakken waar zijn bewustzijn rijp voor is, voor open staat. En daarom is het meer dan interessant om ook de uiterlijke geschiedenis van de gnostische stroom te beschouwen.

Hierbij enkele voorbeelden: de ene Bron waaruit alles voortvloeit; de gnosis die universeel is, niet alleen westers en niet alleen Christelijk; de Wijsheid van de Ouden; de geestelijke impulsen van Boeddha, Lao Tse, Pythagoras en Jezus van Nazareth; de gnostische grondslag van het Christendom; de wijsheid van Hermes Trismegistos; de Manicheeërs, de Paulicianen, de Bogomielen en de Katharen; de Renaissance van het oude weten: Hermetiek, Neo-platonisme, Kabbala, magie, astrologie, alchemie; de broederschappen van het Rozenkruis en de Vrijmetselarij; de Theosofie en de Antroposofie; en tenslotte de New-Age en het Aquariustlijdperk.

Het is dan ook boeiend verbanden te zien tussen alle hiervoor genoemde gnostische stromingen.