De eerste zondagen na H. Drievuldigheid richten wij ons bewustzijn op de aanwezigheid en de allesomvattende kracht van God: God als Licht, als Vrede, als Koning van de Engelen en als Liefde. De ervaring van het Goddelijke kan worden vergeleken met een sterrenhemel in een donkere nacht, waarin de Melkweg straalt aan het firmament en de mens iets kan ervaren van de grootsheid en kracht van het universum.
Na deze eerste fase werkt deze goddelijke kracht verder door in meer alledaagse thema’s, zoals vertrouwen, toewijding, rechtvaardigheid, zelfovergave, wijsheid, onderscheidingsvermogen en innerlijke vrede. Juist in deze dagelijkse ervaringen kunnen wij de werking van Vader, Zoon en Heilige Geest leren herkennen.
Na de grote inwijdingsfeesten van Kerstmis, Pasen en Pinksteren vormt de H. Drievuldigheidsdag een nieuw begin. De geestelijke ervaringen die tijdens deze feesten zijn opgedaan, mogen nu dieper doordringen in ons leven. Een nieuwe cyclus vangt aan, waarin ontvangen licht zich kan omvormen tot verlicht inzicht en innerlijke ervaring.
Met dit ontwakende bewustzijn krijgen wij de mogelijkheid om onze innerlijke groei verder te beleven. Zo beklimmen wij als het ware de spiraal van evolutie: als mens, als gemeenschap, als wereld en als kosmos.
Deze periode nodigt ons uit tot bewustwording van de Drie-eenheid in ons eigen bestaan. In de stilte van ons innerlijk kunnen wij deze kracht ervaren. Wij herkennen haar als een subtiele levensstroom, als Prana. Door dit ontwaken te verdiepen, mogen wij deelnemen aan de stilte van het goddelijke leven